omwroeten

Betekenis

werkwoord
  1. zowel in letterlijke als figuurlijke zin iets helemaal veranderen door iets helemaal door elkaar te gooien
    Nu moet een wijngaard ook omtuind zijn om de wijnstokken te beschermen tegen beschadigingen of omwroeten. De vraag die daarbij gesteld kan worden is of de verdeeldheid binnen de gereformeerde gezindte de vruchtbaarheid van de wijngaard niet belemmert en ook of de omtuining de wijngaard niet nutteloos maakt voor de wereld. Reformatorisch Dagblad 16-11-2009 [https://www.rd.nl/opinie/geen-zuil-maar-een-wijngaard-1.126529 Geen zuil, maar een wijngaard]
    Literatuur is voor mij het onderzoeken en omwroeten van de menselijke ziel, en daarvoor gelden geen regels.' NRC Miranda Westerhoud 7 juli 2000 [https://www.nrc.nl/nieuws/2000/07/07/altijd-op-de-rand-van-gekte-7501750-a211949 `Altijd op de rand van gekte']
    Op een prachtige meidag begaf ik mij naar het Sporten Horecacentrum achter de rivierdijk waar de conferentie zich afspeelde. Het motto van de dag was 'Op de schop' dat verraderlijke eufemisme van de reuzenmollen die overal om ons heen landschappen omwroeten. 'Ja, dat gebied gaat helemaal op de schop' je ziet er een mannetje met een schep en een bergje zand bij. NRC Willem van Toorn 3 mei 2003 [https://www.nrc.nl/nieuws/2003/05/03/zand-over-nederland-7637476-a265164 Zand over Nederland]