Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

odontologie

vrouwelijk (de)/odɔntoloˈɣi/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. wetenschap, medisch (wetenschap) (medisch) specialisme dat de verzorging en aandoeningen van het gebit bestudeert
    Welnu, de freule was ervan overtuigd dat tenslotte ook bij haar de verstandskies op doorbreken stond. (…) Draaiend met haar gat wiebelde zij het vagevuur der odontologie binnen.

Etymologie

*van """; op te vatten als gevormd van "ὀδόντος" (odóntos) "van de tand", genitief van "ὀδούς" (odoús) "tand" of als afgeleid van "odontoloog"