odium
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- haat, vijandschap, wrok
- slechte reputatieDe echte Senaat kan pas opstaan op het einde van de regeertermijn, wanneer hoogstwaarschijnlijk een verklaring tot herziening van de grondwet goedgekeurd moet worden. Ook de N-VA-senatoren gaan ervan uit dat ze op dat moment wel een belangrijke rol kunnen spelen. Dan moet de vergadering intussen wel het odium afschudden een bezigheidstherapie van vijftig miljoen per jaar te zijn. de Standaard 21 SEPTEMBER 2016 Wim WinckelmansVerenigingen van militairen en veteranen vormen een invloedrijke lobby in Washington. Democraten noch Republikeinen willen het odium op zich laden dat zij de mannen en vrouwen in uniform in de kou laten staan. Maar zelfs als die weerstand kan worden gebroken, zullen met name de landmacht en het korps mariniers hun personele omvang met zo'n 15 procent moeten verkleinen, aldus Williams. Volkskrant Paul Brill 23 november 2013
Etymologie
* uit het Latijn
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek