octrooirechten

/ɔkˈtrojrɛxtə(n)/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. juridisch (juridisch) geheel van de bevoegdheden die een octrooihouder heeft op grond van toegekende octrooien
    Farmaceutisch bedrijf Amgen betaalde Rockefeller University 20 miljoen dollar voor de octrooirechten op leptine.

Etymologie

*octrooirecht met uitgang -en