nurks

mannelijk (de)/ˈnʏrᵊks/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. persoon (persoon) iemand die zich nurks gedraagt

Etymologie

# van een mens en dan vooral van een man: hatelijk, beledigend en dus onaangenaam in de omgang

Vertalingen

Engelsgruff, grumbling, grumpy