noviciaat
onzijdig (het)/ˌnovisiˈjat/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (religie) proeftijd voor nieuwe kloosterlingen, waarin ze al volgens de regels van de betreffende orde leven, maar nog de keus kunnen maken om niet toe treden
- (bouwkunde) gebouw waar toekomstige kloosterlingen tijdens hun proeftijd verblijven
- proefperiode voor nieuwe leden van een studentenvereniging
Etymologie
*van "noviciat"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek