noklijn

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. hoogste horizontale lijn van een bouwwerk; hoogste gedeelte van een schuin dak waar de twee schuine vlakken elkaar raken
    Tachtig meter hoger had de noklijn van de stuwdam zullen lopen. Als hij niet in 1994 was afgeblazen.De Volkskrant Martin Sommer 24 maart 2001 [https://beta.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/een-rivier-van-lachen-en-niets-doen~bc30d0ec/ EEN RIVIER VAN LACHEN EN NIETS DOEN ]
    ‘Hoe kan je bouwen met een schuin dak, maar toch een hedendaags ontwerp neerzetten?’ Door de noklijn van het schuine dak uit elkaar te trekken is een extra ruimte gecreëerd, waar nu het dakterras ligt.de Standaard 11 MEI 2013 [http://www.standaard.be/cnt/dmf20130507_00571922 Een hap uit het dak ]