niemand

/ˈnimɑnt/

Betekenis

voornaamwoord
  1. geen enkel persoon
    Ik heb helemaal niemand gezien!
    Niemand wist wat dat blauwe licht was geweest, misschien statische energie van de storm of een bolbliksem?
    Niemand had iets verkeerds gedaan, althans niets aantoonbaar verkeerds, hijzelf niet en niemand anders.

Etymologie

* In de betekenis van ‘onbepaald voornaamwoord’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1200

Vertalingen

Engelsno one, nobody
Franspersonne
Duitsniemand
Spaansnadie
Italiaansnessuno
Russischникто