netel

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈnetəl/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. plantkunde (plantkunde) benaming voor verschillende planten uit de geslachten en met gekartelde, harige blaadjes die soms een brandend gevoel veroorzaken

Etymologie

* In de betekenis van ‘gewas’ voor het eerst aangetroffen in 1287

Vertalingen

Engelsnettle
Fransortie
DuitsNessel
Spaansortiga
Italiaansortica
Zweedsnässla