neostijl
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- bouwstijlen waarin wordt teruggegrepen op de oude architectuur van de gotiek, de renaissance en de barokGlaskunstenaar Bernard Heesen krijgt van 8 april tot en met 19 augustus een tentoonstelling in het Rijksmuseum Twenthe in Enschede. Hij toont allemaal nieuw werk dat hij ontleende aan de tweede helft van de negentiende eeuw, toen in de ogen van velen lelijke neostijlen en een nogal kitscherige smaak heersten. HP de Tijd 1 APR 2018 [https://www.hpdetijd.nl/nieuws/heesen-maakt-wat-je-op-rommelmarkt-wilt-vinden/ Heesen maakt wat je op rommelmarkt wilt vinden]Bas Liesker van Heren 5 architecten heeft nog niet eerder een ontwerp in een echte neostijl gemaakt. „Toen Fred Kaaij belde, waren we toevallig net gestopt met het ontwerp van een wijkje in oud-Hollandse stijl”, zegt Liesker over het ontwerp van Tudorpark. NRC Bernard Hulsman 7 augustus 2014 [https://www.nrc.nl/nieuws/2014/08/07/functionele-nep-in-de-haarlemmermeer-1409390-a965013 Functionele nep in de Haarlemmermeer]
Etymologie
* afleiding van stijl
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek