neerleggen

/nerlɛgə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) op iets leggen of plaatsen
    Hij legde de hoorn neer.
  2. ov (ov) afstand doen van iets
    Zij legde haar ambt neer.
  3. ov (ov) doodschieten
    Hij werd door de kwade man neergelegd.
  4. ov (ov) een bedrag betalen
    Het bedrag moest vóór 12 uur neergelegd worden.
    De iconische foto Le Violon d'Ingres van fotograaf Man Ray is afgelopen weekend geveild voor een recordbedrag van 12,4 miljoen dollar. Dat gebeurde in veilinghuis Christie's in New York. Nooit eerder werd er zoveel geld neergelegd voor een foto.
  5. refl (refl) zich ~ bij het verzet tegen iets opgeven
    Hij legde zich niet neer bij de uitspraak en ging in hoger beroep.
    Het bedrijf is het nog steeds niet eens met de nederzettingenpolitiek, stelt het in een tweet. Maar het lijkt zich wel bij het besluit van Unilever neer te leggen. Ben & Jerry's benadrukt dat het merk in Israël door de deal volledig in handen is van en gerund wordt door American Quality.
  6. refl (refl) zich ~ naast een regel, advies of beslissing bewust negeren of niet naleven
    Omdat de opkomst te laag is, legt de gemeenteraad de uitslag naast zich neer.

Uitdrukkingen

  • [2] het werk neerleggen

Vertalingen

Engelsdeposit, put down