necropool

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˌnekroˈpol/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. grote begraafplaats uit de oudheid
    De archeologen wisten van het bestaan van een preboeddhistische necropool in Udegram af, maar ze stuitten pas onlangs op de dertig bijzondere graven.
    Het vermoedelijke graf van Petrus werd ontdekt na de dood van paus Pius XI (1922-1939), toen voor de bouw van diens graf graafwerkzaamheden werden gestart onder de Sint-Pieterskerk. Men stuitte daarbij op een deel van een vergeten necropool, een Romeinse begraafplaats waarin ook christenen waren bijgezet.

Etymologie

* uit het Grieks