nasporing

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. onderzoek om de ware aard van iets te ontdekken; onderzoek naar wat anderen mogelijk verborgen willen houden
    De opnamen hebben enig resultaat gehad. Onrustig geworden door de nasporing van de Keuringsdienst gaat Albert Heijn de naam van de soep veranderen (wordt waarschijnlijk rundersoep); Unox doet iets aan de receptuur (één flintertje staart erbij en de naam kan behouden blijven). De huismerken van de overige supermarkten houden de boot nog af. Volgens de regels mag je kennelijk liegen over je product. Het Parool TEUN VAN DE KEUKEN 26 OKTOBER 2013 [https://www.parool.nl/opinie/ossenstaart-in-zak~a3533716/ Ossenstaart in zak]
    De minister neemt een aantal maatregelen. Hij gaat onder meer in kaart brengen hoe de organisaties functioneren. Als uit nieuwe nasporingen blijkt dat een beweging de integratie belemmert, kunnen subsidies worden stopgezet. Asscher wil meer oriëntatie op en binding met de Nederlandse samenleving. De Telegraaf 26 sep. 2014 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/904775/asscher-wil-meer-openheid-turkse-organisaties Asscher wil meer openheid Turkse organisaties]

Etymologie

* van nasporen

Vertalingen

Engelsdetective work, investigation