mythomanie

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. ziekelijke neiging tot fantaseren
    Jan Cremer is de Douanier Rousseau van de schelmenroman. Zijn boek is een bandeloze ontploffing tussen autobiografie en mythomanie. Ik heb het in één ruk uitgelezen.” Willem Frederik Hermans in Haagse Post.

Etymologie

* afleiding van mythe