mot
/mɔt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (dierkunde) vlinderachtig insectDaar vliegt een mot, zie je haar?
- (vlinders) benaming voor nachtvlinders (insecten uit de orde die niet tot de behoren)
- nachtvlindertje waarvan de larven kledingstukken aanvretenEr zitten motten in die oude kleren.#
zelfstandig naamwoord
- het hebben van onenigheid met iemandZe hadden weer eens mot.
- (f)/(m) in de ~ hebben in de gaten hebben, opmerken
zelfstandig naamwoord
- fijn los materiaal, stof, molm, zaagsel
werkwoord
- (informeel) moetKen 't nie zoals 't mot, dan mot 't maar zoals 't ken.
Etymologie
*[D] uitspraakvariant van "moet"
Vertalingen
Engelsmoth
Fransmite
DuitsMotte, Nachtfalter
Spaanspolilla
Italiaansfalena
Portugeestraça
Japans蛾
Poolsćma
Zweedsmal
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek