moot

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. (afgesneden) reepje of schijfje
  2. voeding (voeding) een gesneden stuk vis
    In het blikje zit een moot tonijn.

Etymologie

*Mogelijk van het Proto-Germaanse werkwoord *maitan-, *meiH-. . In de betekenis van ‘schijf’ voor het eerst aangetroffen in 1665

Uitdrukkingen

  • In mootjes hakkenVernietigen, niets heel laten van