middagrust
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de rust die men neemt gedurende de warmste tijd van de dagIk kwam een uurtje eerder dan afgesproken aan, maar omdat je me aangaf dat je je middagrust hard nodig hebt, ben ik naar het centrum gewandeld.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek