meteoor
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (astronomie) een kortstondig lichtspoor aan de hemel door de verbranding van een uit de ruimte vallende meteoriet
Etymologie
* via het Frans en het Latijn van het Griekse μετέωρος (metéōros) "hoog in de lucht" (van μετα- meta- "boven" en ἐωρ eōr "optrekken")
Vertalingen
Engelsmeteor
Fransmétéore
DuitsMeteor
Spaansmeteoro, bólido
Italiaansmeteora
Portugeesmeteoro
Russischметеор
Poolsmeteor
Zweedsmeteor
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek