mentrix

vrouwelijk (de)/ˈmɛntrɪks/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. begeleidster of opvoedster, vrouw die haar ervaring gebruikt om een ander terzijde te staan
  2. onderwijs (onderwijs) docente waar leerlingen terecht kunnen met problemen die niet op een schoolvak betrekking hebben

Etymologie

*afgeleid van mentor en