woorden
boek
Start
›
M
›
menist
menist
mannelijk (de)
/məˈnɪst/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
religie
(religie) mennoniet, doopsgezinde
doopsgezind
Etymologie
*afgeleid van Menno Simonsz
Vertalingen
Spaans
menonita
Verwante woorden
menie
meniede
meniet
menieverf
Menig
menige
menigeen
menigerhande
menigerlei
menigmaal
menigte
menigten
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← meniscussen
meniste →