mengen

/ˈmɛŋə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) het homogeniseren van twee of meer zaken
    Als je geel en rood mengt, krijg je oranje.

Etymologie

* In de betekenis van ‘stoffen door elkaar brengen’ voor het eerst aangetroffen in 1240

Uitdrukkingen

  • Water in de ( of zijn) wijn doen ( of mengen)

Vertalingen

Engelsmix
Fransmélanger
Duitsmengen, mischen, vermengen
Spaansmezclar
Poolsmieszać