membraan

onzijdig (het)/mɛmbran/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een dun vlies dat een afscheiding vormt
  2. biologie (biologie) een dun vlies van met name fosfolipiden en eiwitten dat een cel in staat stelt één of meerdere interne milieus te creëren
  3. een trillend plaatje in een luidspreker

Etymologie

* Leenwoord uit Frans membrane, ontleend aan Latijn membrāna ‘dunne huid, vlies, perkament’.

Vertalingen

Engelsmembrane
DuitsMembran
Zweedsmembran, hinna