meizoen

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. madeliefje
    In de tekst van Shakespeare worden als begroeiing genoemd: wilg, netel, koekoeksbloem, meizoen, aronsstaf, dodemansvingers (vertaling Gerrit Komrij, 1989). Mij ontbreekt de botanische kennis om vast te stellen of die planten ook allemaal voorkomen in het meesterwerk van Millais.