matrassenfabriek
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- bedrijf waar men matrassen produceertHij zei: ‘Als je geen leraar kunt worden, wat kun je dan wel? Ik bedoel, laten we even vergeten waarvoor je bent opgeleid, dan is de vraag: wat zou je willen gaan doen? Anton werkt in het bedrijf van zijn vader, Eric in de matrassenfabriek, we zouden kunnen kijken of je daar niet ergens aan de slag kunt.Over haar vader en moeder. Over haar oom en tante die met hun dochtertje iets verderop aan de Nieuwe Uilenburgerstraat in Amsterdam woonden. Over de matrassenfabriek van vader Joseph en haar oom Meijer aan het Rapenburg. De firma Peco. Peperwortel en compagnon: Joseph en zijn negen jaar jongere broer Meijer.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek