woorden
boek
Start
›
M
›
mande
mande
vrouwelijk (de)
/ˈmɑndə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
juridisch, verouderd
(juridisch) (verouderd) (Noordoost-Nederland) gemeenschappelijk bezit
Etymologie
*: "man" met de uitgang -de
Synoniemen
gemeenschap
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← mandatering
Mandeb →