Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
macaron
mannelijk (de)/makaˈrɔ̃/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (voeding) klein rond luchtig gevuld koekje gemaakt van amandelspijs en eiwit, met naar plaats en tijd verschillende bereidingswijzen, vanaf de twintigste eeuw ook twee zulke koekjes op elkaar met een zachte vulling ertussen, vaak met opvallende kleuren
Etymologie
*van "macaron", gebruikt voor verschillende koekjes van amandelspijs en eiwit
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek