maastrichtien
onzijdig (het)/mastrɪxˈtin/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (geologie) zesde en laatste tijdsnede van het tijdvak laatkrijt, van 72,1 tot 66 miljoen jaar geleden
Etymologie
*van de stad Maastricht, ; naam voor het eerst gebruikt door de Belgische paleontoloog A.H. Dumont in 1849
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek