maïspap

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈmaɪsˌpɑp/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. voeding (voeding) gerecht bereid door het koken van een mengsel van maismeel met een vloeistof
    Alles draaide om die maïs, want had je maïs dan had je in ieder geval iets te eten. De dorpelingen van Dickson konden geen andere aspiraties hebben dan dat: maïspap in je maag. Niet sterven van de honger.