lover

/ˈlɔvər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. (meestal in samenstellingen) liefje, iemand die met een ander een intieme relatie heeft
zelfstandig naamwoord
  1. het geheel van bladeren van een of meer bomen
  2. nagemaakte blaadjes als versiering
zelfstandig naamwoord
  1. iemand die nadrukkelijk vertelt dat hij iets of iemand goed vindt
  2. iemand die iets probeert te verkopen

Etymologie

*[C] van "loof"

Vertalingen

Engelsfoliage
Fransfeuillage
DuitsBlätter
Spaansfollaje
Italiaansfogliame
Portugeesfolhagem