lolly
mannelijk (de)/ˈlɔlɪ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- snoepje, bestaande uit een stuk geglaceerde vruchtensuiker op een stokje
Etymologie
* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘lekkernij’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1927
Vertalingen
Engelslolly, lollipop
Franssucette
DuitsDauerlutscher, Lolli, Lutscher
Italiaanslecca-lecca
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek