lichaamsbeweging

vrouwelijk (de)/ˈlɪxamsbəˌweɣɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bezigheden die bijdragen aan de lichamelijke conditie
    En het landleven is zó veel rustiger dan het leven in de drukke stad, dat je, om op je buitenverblijf eetlust te krijgen, wel de nodige lichaamsbeweging moet zoeken, zoals paardrijden, vissen en jagen.
    Sport en lichaamsbeweging golden in vroegmodern Europa niet slechts als aangenaam tijdverdrijf of een manier om status te verwerven: men was zich terdege bewust van de positieve uitwerking van beweging op de gezondheid.
  2. verandering in plaats of houding of van een lijf
    Op dit veld ben je als aanvaller in het voordeel. Eén lichaamsbeweging en je vliegt de verkeerde kant op.

Vertalingen

Engelsexercise
Duitskörperliche Betätigung
Spaansejercicio físico