levensboom
mannelijk (de)/ˈlevənsbom/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (coniferen) naam voor coniferen uit het geslacht , oorspronkelijk groeiend in Oost-Azië en Noord-AmerikaDr. Gachet zette op het graf van Van Gogh een levensboom neer waar Van Gogh zo van hield.
- (anatomie) deel van de kleine hersenen waarvan de vorm op een vertakte boomstam lijktDe ongeschonden hersenschors onthult niet eens dat een doorsnede van de kleine hersenen, grillig vertakt, de zogenaamde levensboom vormt.
- (folklore) boom geplant bij de geboorte van een kindOok bij de huwelijksgebruiken speelt deze levensboom een rol.
- (figuurlijk) het bestaan als een ontwikkeling die iemand vanaf zijn geboorte doormaaktToch is onze levensboom geschud door de orkanen Gods.
- (religie) boom die de onderdelen van het heelal met elkaar verbindt (hindoeïsme, boeddhisten, Germanen)
- (religie) boom met vruchten die onsterfelijk maken, in het bijzonder zoals beschreven in het Bijbelse paradijs (Gen. 2:9; 3:22; Spreuk. 11:30; Openb. 2:7; 22:2 en 22:14)Zij moesten de weg naar de levensboom bewaken
- (figuurlijk) (religie) (christelijk) geloof in Christus, dat immers tot eeuwig leven in het paradijs leidt
- (figuurlijk) onuitputtelijke bron van vitaliteit
- (religie) boom als heilige plaats om een godheid te vereren
- (religie) (bij kabbalisten) symbolische voorstelling van het hele universumOok wij moeten leren onze wijsheid langs de levensboom omlaag te brengen en toe te passen in de gewone wereld.
- (kunst) beeld of afbeelding als symbool dat naar een van de hiervoor genoemde de religieuze of figuurlijke betekenissen verwijstDe levensboom bestaat uit een kronkelende tak met bloemen, waartussen vogels als pauwen, duiven en papegaaien zitten.
- bepaald runeteken; door nazi's gebruikt als symbool voor leven en door sommigen gebruikt als symbool voor extreem nationalismeHun logo is de Algizrune, ook wel levensboom genoemd (...)
- (bouwkunde) versiering in het bovenlicht boven een deur, vaak van gietijzerDe twee vensters van de zaadzolder op de verdieping bezitten diefijzers. In het bovenlicht van de voordeur zit een gietijzeren levensboom.
Etymologie
* die kan worden opgevat als een genitiefuitgang
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek