lavendelblauw
onzijdig (het)/laˈvɛndəlˌblɑu/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- kleurstof met een lichtblauwe naar paars zwemende kleur
Etymologie
|url=https://www.tubantia.nl/wonen/nu-is-het-de-tijd-om-snel-je-tuin-op-te-fleuren-met-deze-voorjaarsbloeiers~aefbcb37/|uitgever=Tubantia|taal=nl||bezochtdatum=2024-07-02|citaat=Bosanemonen bloeien in april onder bomen en struiken. Je hebt de gewone witte, maar er bestaan ook lavendelblauwe variëteiten, zoals ‘Robinsoniana’. En Anemone ranunculoides, ook een lid van de bosanemonenfamilie, is knalgeel. Koop bosanemonen nu in potjes, en niet als wortelstok. De wortelstokjes drogen te snel uit. Verwen de planten met een laagje bladaarde.}}
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek