kwart
mannelijk/vrouwelijk (de)/kwɑrt/
Betekenis
telwoord
- een vierde deel (¼)
zelfstandig naamwoord
- een vierde deelWat een tocht! Na zeven weken lopen had ik nog niet eens een kwart van de hele trail afgelegd, maar ik was dolblij dat ik de hete woestijn eindelijk achter me kon laten.
- (muziek) verkorting van het symbool "kwartnoot" (eenvierde van de tijd van een hele toon)
- (muziek) de vierde trap van een diatonische toonladder
- (muziek) een interval met een toonafstand zoals die van de eerste naar de vierde toon van een diatonische toonladderVeel blaasinstrumenten hebben voor een interval van een kwart een apart ventiel.
Etymologie
*van Latijn "quartus" "vierde"
Vertalingen
Engelsquarter, fourth
Fransquart, quarte
DuitsViertel, Quarte
Spaanscuarto
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek