kuif
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (anatomie) opstaande haarlok op het hoofdZijn haar was naar voren in een kuif gekamd.
- (anatomie) hoofdhaar
- (dierkunde) opstaand verenkleed op de kop van een vogel
Etymologie
* In de betekenis van ‘opstaand voorhaar’ voor het eerst aangetroffen in 1600
Uitdrukkingen
- In zijn kuif gepikt zijn — Beledigd zijn over iets
Vertalingen
DuitsTolle, Haartolle
Spaanscopete, moño, airón
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek