kruistocht

mannelijk (de)/ˈkrœystɔxt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. militair, religie, geschiedenis (militair) (religie) (geschiedenis) De kruistochten of ook wel kruisvaarten waren militaire ondernemingen van de westerse christenen tussen 1095 en 1271 in Palestina.
    In overdrachtelijke zin kan met kruistocht elke ideologisch gemotiveerde, heftige poging om verandering te bewerkstelligen, aangeduid worden, al dan niet met een positieve of negatieve connotatie.
  2. overdreven actie om een bepaald doel te bereiken

Vertalingen

Engelscrusade
Franscroisade
SpaansCruzada, cruzada