krop

mannelijk (de)/krɔp/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. ronde dichte opeenstapeling van bladeren
    Heb je nog een krop sla voor me?
  2. , keelzak
    Duiven kunnen voedsel vervoeren in hun krop.
  3. medisch (medisch) aandoening van de schildklier
  4. graan (n), (graan) bepaald soort meel: ongezeefd (ongebuild) tarwemeel met zemelen

Etymologie

* In de betekenis van ‘voormaag’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1080

Vertalingen

Engelshead, crop, goitre
DuitsKopf