krommen

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) krom maken
    Beschermend welfde zij haar hand om het kuiken.
  2. refl (refl) zich ~ bochtig zijn
    De weg kromde zich langs de steile bergkust.

Etymologie

*Afgeleid van krom

Vertalingen

Engelscurve
Franscourber
Duitskrümmen, krümmen
Spaanscurvar