kreuken

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) het aanbrengen van min of meer permanente vouwtjes in een glad oppervlak
    De bladzijde werd door dat baldadige mispunt helemaal gekreukt.
  2. erga (erga) gekreukt raken
    Die linnen jurk is erg mooi, maar kreukt altijd verschrikkelijk.

Etymologie

*afgeleid van kreuk

Vertalingen

Engelscrease, wrinkle
Spaansarrugar