knoopsluiting

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een sluiting met een knoop en een knoopsgat
    Koningin Wilhelmina sliep toen ze vijftien jaar was in een nachtpon van ragfijn linnen die versierd was met borduurwerk. Links van de knoopsluiting is een ‘W’ geborduurd met een kroontje erboven. Het kledingstuk uit 1895 is sinds deze week te zien in Paleis Het Loo.