knarsing
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het krachtig en met veel lawaai over elkaar laten gaan van de tanden en kiezen als teken van pijn en spijtWie de moeite neemt om de gelijkenis uit te lezen, stuit plotseling op een heftige passage. De laatste woorden zijn: knarsing der tanden. Dat is een forse deuk in het beeld dat deze gelijkenis zo goed bij ons denken en ons leven past.
Etymologie
* van knarsen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek