knaap

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. persoon (persoon) jongen of jongeman
    Die knapen gedroegen zich weer eens als belhamels.
    Nu moet blijken of de aanstormende knapen mannen zijn geworden en de grote mannen grote mannen zijn gebleven.
  2. informeel (informeel) iets dat groot in zijn soort is
    Hij had een knaap van een snoek aan de haak.

Etymologie

* In de betekenis van ‘jongen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 901

Vertalingen

Engelsknave
DuitsKnabe
Spaanschico, muchacho, mozo