klotsen
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (inerg) zich door een vloeistof (meestal water) heen bewegenIk klots door de meren.
- (erga) van een golvende vloeistof hoorbaar tegen of over een wand botsenDe hoge golf was tegen de kade geklotst en de spetters waren om zijn oren gevlogen.
- (inerg) van een golvende vloeistof hoorbaar in beweging zijnWe wisten zeker dat er die nacht niet geklotst zou worden en dat we lekker zouden slapen.
- (ov) een deels vloeibare inhoud in hoorbare beweging brengenDe melk werd zo heen en weer geklotst en kwam in contact met de bacteriën die in de maag zaten.
- tweede betekenisomschrijvingZin met het klotsen in de tweede betekenis erin.
- enz.
Etymologie
* In de betekenis van ‘natuurlijke geluid van vloeistoffen maken’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1667
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek