klefheid
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- te zoetsappig sentimentToch toont regisseur Alexander Payne – die eerder Oscars won voor Sideways en The descendants – zich wars van klefheid of opgelegd sentiment. Hij laat ons lachen om absurde situaties, om rake dialogen en om kleurrijke personages. Intussen behoudt zijn tragikomische roadmovie – geschoten in sfeervol zwart-wit – echter een ondertoon van mededogen en begrip. De Telegraaf MARCO WEIJERS 28 feb. 2014 [https://www.telegraaf.nl/vrij/992231/filmrecensie-nebraska Filmrecensie| Nebraska]In de verhalen waarin zijn kinderen optreden, een gevaarlijk genre dat gemakkelijk afglijdt naar sentimentaliteit en borstklopperij, vermijdt Bril alle klefheid. Prachtig is het stuk over een kortstondig verblijf in Parijs met zijn dochter. Het Parool 23 APRIL 2009 [https://www.parool.nl/binnenland/het-amsterdam-van-bril-is-ons-amsterdam~a238748/ Het Amsterdam van Bril is ons Asterdam]
- warme vochtige hitteIk kwam overeind, in de slaapkamer was het donker, maar de felheid van het licht dat door de kieren van de deur naar de woonkamer scheen, verried dat een typische New Yorkse septemberdag stond te beginnen: felblauwe lucht, stralende zon, eigenlijk nog gewoon zomer, maar dan zonder de klefheid. Het Parool 19 SEPTEMBER 2008 [https://www.parool.nl/buitenland/jungle-book~a32784/ Jungle book]
Etymologie
* afleiding van klef
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek