kindergezicht

onzijdig (het)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het gelaat van een jong mens
    Er bewoog iets in al dat zwart, het botte daar en het volgende moment zag hij de blanke vrucht van het kindergezichtje, smartelijk opkijkend naar de vader.
    Een foto van een kindergezicht boven een digitale snelheidsmeter moet automobilisten in Almelo manen hun tempo aan te passen.