kietelen
/ˈkitələ(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) het prikkelen van gevoelige stukken huid bij anderen door middel van licht aanrakenDe kleine hersenen reageren fel op de onverwachte impulsen, wanneer iemand gekieteld wordt.
- kietelend aanvoelenMijn dikke teen kietelt.
Etymologie
* In de betekenis van ‘een kriebeling opwekken’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240
Vertalingen
Engelstickle
Franschatouiller
Duitskitzeln
Spaanscosquillear, hacer cosquillas
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek