kidnapper

mannelijk (de)/ˈkɪtnɛpər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die mensen kidnapt of ontvoert
    De kidnapper dreigde het kind te vermoorden als de politie zou optreden.

Etymologie

* van kidnappen

Vertalingen

Engelskidnaper, kidnapper
Franskidnappeur
Duitskidnapper, Entführer, Kidnapper
Spaansraptor, secuestrador
Italiaansrapitore, sequestratore
Deensbortfører