keukenpiet
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die goed kan kokenOndanks al het bewerkelijke lekkers dat ze de lezer voorschotelt, durft Buschman de hele opzet ook te relativeren. Het kookboek mag niet de indruk wekken dat Couperus een keukenpiet of een gulzige lekkerbek was. De Standaard 07 JUNI 2013 Peter Jacobs [http://www.standaard.be/cnt/dmf20130606_00613363 Tafelen met Couperus]Wat Tuymans met een ogenschijnlijk banaal onderwerp als een keukenpiet uithaalt, is gewoon verbluffend. Giftige kleuren, verblindend licht, een suggestie van geweld: het zit allemaal in dat ene beeld dat de toeschouwer opwacht bij het begin van de tentoonstelling. De Standaard 31 OKTOBER 2013 Jan Van Hove [http://www.standaard.be/cnt/dmf20131030_00817492 De giftige kleuren van de kok]
- knecht van Sinterklaas die het hoofd is van de keukenIn het vierde deel worden Testpiet, Coole Piet, Muziekpiet, Hoge Piet, Keukenpiet en Danspiet geconfronteerd met slechterik Kornee, die vroeger nooit een cadeautje kreeg van Sinterklaas. Om wraak te nemen heeft hij een speelgoedknuffel ontwikkeld die cadeautjes uit schoenen van kinderen steelt. De Telegraaf 26 jun. 2015 [https://www.telegraaf.nl/vrij/794964/nieuwe-club-van-sinterklaas-film-in-de-maak Nieuwe Club van Sinterklaas-film in de maak]
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek