kerstverkoop
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (kerst) (handel) de verkoop in de kerstperiode, de drukste verkoopperiode van het jaar voor veel winkelsDe kerstverkoop zorgde voor een omzet die anders in drie maanden bij elkaar gehaald wordt.
Etymologie
* Samenstelling van kerst en verkoop
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek