kernenergie

vrouwelijk (de)/ˈkɛrᵊnˌenɛrˌʒi/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. techniek (techniek) energie geproduceerd door kernfusie of kernsplijting, waarmee in een kerncentrale elektriciteit wordt opgewekt
    In de jaren tachtig liepen de emoties hoog op in de discussie over kernenergie.

Etymologie

* (kern bet. 3)

Vertalingen

Engelsnuclear energy
Fransénergie nucléaire
DuitsKernenergie, Atomenergie
Spaansenergía nuclear